Verdieping over overlap, wisselwerking en zorgvuldig onderzoek
Misschien herken je jezelf in zowel ADHD als autisme. Je wilt begrijpen hoe die twee samen kunnen voorkomen. Waarom geeft een vaste planning rust, terwijl het volgen ervan toch moeilijk blijft? En hoe kun je onderzoeken wat er achter zulke ervaringen zit?
AuDHD is een informele benaming voor het samen voorkomen van autisme en ADHD. Bij diagnostiek worden de criteria van ADHD en autisme afzonderlijk beoordeeld. [1]
In dit artikel kijken we wat dieper naar de combinatie. De voorbeelden zijn bedoeld om de uitleg concreet te maken; het zijn geen tests waarmee je jezelf moet kunnen indelen.
Waar gaat het bij ADHD en autisme om?
Bij ADHD gaat het om een aanhoudend patroon van onoplettendheid en/of hyperactiviteit en impulsiviteit dat het dagelijks functioneren belemmert. Dat kan zichtbaar worden in moeite met organiseren, aandacht vasthouden, wachten of een impuls afremmen. [2]
Bij autisme gaat het om een combinatie van kenmerken in sociale communicatie en interactie, en beperkte of herhalende patronen in gedrag en interesses. Ook omgaan met veranderingen en het ervaren van prikkels kunnen een belangrijke rol spelen. De combinatie en intensiteit verschillen per persoon. [3]
Daarom helpen eenvoudige tegenstellingen weinig. ‘ADHD is chaos, autisme is structuur’ klinkt overzichtelijk, maar vertelt nauwelijks hoe iemand een werkdag, vriendschap of huishouden beleeft. Kijk liever naar het concrete patroon: wat gebeurt er, wanneer gebeurt het en wat maakt het lastig?
Overlap: raakvlakken zonder dat alles hetzelfde wordt
Onderzoek bij volwassenen laat zien dat ADHD- en autismekenmerken deels samenhangen, terwijl er ook duidelijke verschillen blijven. Hoe groot de overlap lijkt, hangt mede af van welke kenmerken je onderzoekt. Dat helpt verklaren waarom een algemene uitspraak als ‘het lijkt allemaal op elkaar’ weinig houvast geeft. [4]
Neem moeite met een vergadering volgen. Je kunt de draad verliezen doordat je aandacht wegschiet. Je kunt vastlopen op onuitgesproken verwachtingen. Of je bent zoveel energie kwijt aan geluid en meerdere sprekers dat de inhoud nauwelijks binnenkomt. Dit zijn mogelijke verklaringen om te verkennen, geen vaste scheidslijnen tussen twee groepen mensen.
De nuttige vervolgvraag is dus: welke informatie ontbreekt nog? Alleen weten dát een vergadering moeilijk is, zegt minder dan weten op welk moment het misloopt.
Waarom kunnen ADHD en autisme samen voorkomen?
Er zijn aanwijzingen dat deels gedeelde erfelijke factoren bijdragen aan de samenhang tussen ADHD- en autismekenmerken. Die overlap verschilt per groep kenmerken; er is geen eenvoudige verklaring die voor alles geldt. Omgevingsinvloeden spelen in het onderzochte patroon eveneens een rol. [5]
Dit gaat over verschillen en verbanden binnen groepen mensen. Je kunt er niet uit berekenen welk deel van jouw ervaring ‘ADHD’ of ‘autisme’ is. Evenmin betekent het dat een ouder of een bepaalde gebeurtenis de combinatie heeft veroorzaakt.
Ook zelfrapportage vraagt om zorgvuldige interpretatie: antwoorden op vragenlijsten vertellen iets over ervaren kenmerken. Ze zijn niet hetzelfde als twee vastgestelde diagnoses. Dat onderscheid is belangrijk wanneer je online conclusies uit onderzoek tegenkomt. [4] [5]
Wisselwerking wordt concreet in het dagelijks leven
Stel: je hebt graag een duidelijke dagindeling, maar vergeet geregeld je planning te openen. Meer plannen toevoegen lost dan mogelijk weinig op. Misschien heb je zowel een voorspelbare volgorde als een eenvoudige herinnering nodig.
Of je werkt graag in een levendig café, maar raakt er na een uur uitgeput. Een volledig stille werkplek voelt dan weer moeilijk om op gang te komen. Een kort bezoek op een rustig tijdstip kan voor jou een beter experiment zijn dan kiezen tussen altijd drukte of altijd stilte.
Deze voorbeelden laten zien hoe verschillende behoeften tegelijk aandacht kunnen vragen. Hoe die behoeften op elkaar inwerken, verschilt per persoon en per situatie. Kijk daarom wat er bij jou gebeurt en welke aanpassing helpt.
Je hoeft daarbij niet elke gewoonte of voorkeur onder een diagnose te schuiven. Persoonlijkheid, ervaring en omstandigheden blijven deel van het verhaal. Ook iets wat goed gaat, is relevante informatie: welke steun of keuze maakt daar het verschil?
Wat onderzoekt een deskundige bij een vermoeden van AuDHD?
Een beoordeling van autisme kijkt naar ontwikkeling, huidige kenmerken en functioneren thuis, op school of op het werk. Waar mogelijk helpen jeugdgegevens of informatie van iemand die je goed kent. Ook lichamelijke en psychische klachten en andere mogelijke verklaringen worden meegenomen. [6]
Bij ADHD wordt eveneens teruggekeken naar de jeugd en naar klachten in verschillende situaties. Dat de diagnose pas als volwassene wordt gesteld, betekent niet dat de kenmerken toen pas begonnen. Gesprekken en informatie over het dagelijks functioneren helpen om het patroon te begrijpen. [2]
Je kunt bijvoorbeeld vertellen: ‘Ik houd mijn agenda bij, maar alleen doordat mijn partner me er dagelijks aan herinnert.’ Dat geeft een ander beeld dan alleen ‘afspraken nakomen lukt’. Neem ook mee wat juist vanzelf gaat en wat je al geprobeerd hebt.
Een goede vraag vooraf is: ‘Worden in dit onderzoek zowel ADHD als autisme bekeken, en hoe worden de bevindingen met mij besproken?’ Daarmee maak je duidelijk welke vraag je beantwoord wilt krijgen, zonder de uitkomst al vast te leggen.
Wat kan dit betekenen voor ondersteuning?
Ondersteuning bij autisme wordt afgestemd op persoonlijke behoeften; er is geen aanpak die voor iedereen de beste is. Bij ADHD bestaan onder meer medicamenteuze en psychologische behandelingen. Welke ondersteuning bij jouw combinatie past, bespreek je met een passende zorgverlener. [2] [3]
Maak je hulpvraag zo concreet mogelijk. Bijvoorbeeld: ‘Ik wil vergaderingen kunnen volgen zonder de rest van de dag uitgeput te zijn.’ Dan kun je samen bekijken wat aandacht vraagt: de voorbereiding, de omgeving, de duur of een behandeling.
Bespreek vervolgens hoe je merkt of iets helpt. Lukt de taak beter? Kost ze minder energie? Is de aanpassing vol te houden? Het antwoord op die vragen maakt een diagnose bruikbaar in jouw leven.
Verder lezen
Zoek je vooral herkenbare situaties en praktische voorbeelden? Lees dan het bijbehorende artikel over de dagelijkse ervaring van AuDHD. [7]
Wil je bekijken hoe diagnostisch onderzoek binnen de praktijk verloopt? Op de pagina over diagnostisch onderzoek vind je de uitleg over het aanbod. [8]
Bronnen en verder lezen
1. Young e.a. (2020) — ADHD en autisme samen
Expertconsensus over beoordeling en ondersteuning.
2. NIMH — ADHD in Adults: 4 Things to Know
Officiële publieksinformatie over kenmerken, diagnostiek en behandeling van ADHD bij volwassenen.
3. NIMH — Autism Spectrum Disorder
Officiële publieksinformatie over autismekenmerken, verschillen tussen mensen en ondersteuning.
4. Waldren e.a. (2024) — Overlap tussen ADHD- en autismekenmerken bij volwassenen
Onderzoek met zelfrapportage en een aandachtstaak. Ondersteunt raakvlakken én onderscheid; levert geen persoonlijke diagnose of volledig verklaringsmodel.
5. Ghirardi e.a. (2019) — Erfelijke en omgevingsbijdragen aan overlappende kenmerken
Tweelingonderzoek bij jongvolwassenen, gebaseerd op zelfgerapporteerde kenmerken. Verbanden op groepsniveau, geen individuele oorzaakverklaring.
6. NICE CG142 — Onderzoek bij een vermoeden van autisme bij volwassenen
Richtlijn voor brede beoordeling, inclusief ontwikkeling en dagelijks functioneren.
7. Lees ook: AuDHD in het dagelijks leven
Het bijbehorende artikel met herkenbare voorbeelden op deze website.
8. Diagnostisch onderzoek binnen de praktijk
Uitleg over het aanbod op deze website.